Platformafhankelijkheden per cloudplatform

Moderne applicaties zijn opgebouwd uit kant-en-klare bouwstenen van een cloudplatform. Elke bouwsteen is een afhankelijkheid. Sommige zijn eenvoudig te vervangen door een alternatief buiten het platform. Andere zijn zo propriëtair dat overzetten neerkomt op herbouwen.

Deze pagina is een referentie bij de inventarisatie voor een exit-strategie: welke platformspecifieke diensten gebruikt een oplossing, en welke daarvan kennen een reëel alternatief? De tabellen zijn geen pleidooi tegen platformdiensten; ze maken afhankelijkheden zichtbaar, zodat de keuze ervoor een bewuste is. De beoordeling per component is indicatief. Hoe dieper een component in de architectuur is verweven, hoe groter de feitelijke afhankelijkheid. De tabellen zijn een momentopname (juli 2026); clouddiensten veranderen.


Microsoft Azure

ComponentRol in de applicatieLaagAlternatief buiten Azure?
Azure App Servicedraait de webapplicatiePaaSja, redelijk (container of VM)
Azure Functionslosse, eventgedreven codePaaSbeperkt (bindings zijn propriëtair)
Azure SQL Databaserelationele databasePaaSja (T-SQL is overdraagbaar)
Cosmos DBNoSQL-databasePaaSbeperkt (alleen via compatibiliteits-API’s)
Azure Blob StoragebestandsopslagPaaSja (S3-achtige alternatieven)
Azure Service BusberichtenwachtrijPaaSbeperkt
Azure Event Grid / Event Hubseventdistributie en streamingPaaSbeperkt
Logic Appsworkflows zonder codePaaSnee
API ManagementAPI-gateway, throttling, keysPaaSja (Kong, NGINX)
Azure Key Vaultsecrets en certificatenPaaSja (Vault)
Microsoft Entra IDauthenticatie en autorisatiePaaSja, maar ingrijpend
Azure Virtual NetworknetwerktopologieIaaSja
Application Gateway / Front Doorloadbalancing, WAF, TLSIaaSja
Azure Firewall / NSG’snetwerkfilteringIaaSja
Azure Monitor / Application Insightslogging en telemetriePaaSja
Bicep / ARM-templatesinfrastructuurdefinitienee, Azure-specifiek

De zwaarste afhankelijkheden zitten in de regel bij Cosmos DB, Logic Apps, Entra ID en Bicep/ARM.


Amazon Web Services (AWS)

ComponentRol in de applicatieLaagAlternatief buiten AWS?
Elastic Beanstalk / App Runnerdraait de webapplicatiePaaSja, redelijk (container of VM)
AWS Lambdalosse, eventgedreven codePaaSbeperkt (triggers en integraties zijn propriëtair)
Amazon RDS / Aurorarelationele databasePaaSja (RDS: standaard engines; Aurora beperkter)
DynamoDBNoSQL-databasePaaSnee, geen praktisch equivalent
Amazon S3bestandsopslagPaaSja (de S3-API is de facto standaard)
SQS / SNSberichtenwachtrij en pub/subPaaSbeperkt
EventBridge / Kinesiseventdistributie en streamingPaaSbeperkt (voor Kinesis is Kafka een alternatief)
Step FunctionsworkflowsPaaSnee
API GatewayAPI-gateway, throttling, keysPaaSja (Kong, NGINX)
Secrets Manager / KMSsecrets en sleutelsPaaSja (Vault)
IAM / Cognitoauthenticatie en autorisatiePaaSja, maar ingrijpend
Amazon VPCnetwerktopologieIaaSja
ALB / CloudFrontloadbalancing, CDN, TLSIaaSja
Security Groups / AWS WAFnetwerkfilteringIaaSja
CloudWatchlogging en telemetriePaaSja
CloudFormation / CDKinfrastructuurdefinitienee, AWS-specifiek

De zwaarste afhankelijkheden zitten in de regel bij DynamoDB, Step Functions, de Lambda-integraties en CloudFormation/CDK.


Google Cloud

ComponentRol in de applicatieLaagAlternatief buiten Google Cloud?
Cloud Run / App Enginedraait de webapplicatiePaaSCloud Run: ja (containers); App Engine: beperkt
Cloud Functionslosse, eventgedreven codePaaSbeperkt (triggers zijn propriëtair)
Cloud SQLrelationele databasePaaSja (standaard engines)
Firestore / Bigtable / SpannerNoSQL en gedistribueerde databasesPaaSnee, geen praktisch equivalent
Cloud StoragebestandsopslagPaaSja (S3-compatibele API)
Pub/Subberichten en eventsPaaSbeperkt (Kafka als alternatief)
WorkflowsworkflowsPaaSnee
Apigee / API GatewayAPI-gatewayPaaSja (Kong, NGINX)
Secret Manager / Cloud KMSsecrets en sleutelsPaaSja (Vault)
Cloud IAM / Identity Platformauthenticatie en autorisatiePaaSja, maar ingrijpend
VPCnetwerktopologieIaaSja
Cloud Load Balancing / Cloud CDNloadbalancing, CDN, TLSIaaSja
Cloud Armor / firewallregelsnetwerkfilteringIaaSja
Cloud Monitoring / Cloud Logginglogging en telemetriePaaSja
Deployment Managerinfrastructuurdefinitienee, Google Cloud-specifiek

De zwaarste afhankelijkheden zitten in de regel bij Firestore/Spanner, Workflows en Deployment Manager.


Hoe gebruik je deze tabellen?

  • Bij de inventarisatie voor een exit-strategie: welke componenten zijn in gebruik en welke daarvan kennen geen reëel alternatief? Dat bepaalt wat er nodig is om de dienst elders voort te zetten.
  • Als ontwerpkeuze: wie binnen één platform bewust kiest voor componenten met een alternatief, bouwt de exit-strategie in de architectuur in. Een platformoverstijgende infrastructuurdefinitie (bijvoorbeeld Terraform) verkleint daarbij de afhankelijkheid van platformspecifieke templates. De onderliggende diensten blijven wel platformgebonden.
  • Bij het inrichten van een depot: een depot wordt pas compleet wanneer naast de broncode ook de infrastructuurdefinities, de configuratie en een beschrijving van de gebruikte platformdiensten zijn vastgelegd. Voor oplossingen met zware platformbindingen regelt CloudSecure® de continuïteit van de volledige draaiende clouddienst.

Exit-strategie en digitale soevereiniteit → Cloud escrow of CloudSecure? →